Search
Close this search box.

Subsidiemogelijkheden Onder Wet Gemeentelijke Taak Asielopvang

Home » Subsidiemogelijkheden Onder Wet Gemeentelijke Taak Asielopvang

Subsidiemogelijkheden Onder Wet Gemeentelijke Taak Asielopvang

Recentelijk is de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen (Spreidingswet) gepubliceerd, die per 1 februari 2024 van kracht is geworden. Deze wet heeft als doel te zorgen voor voldoende opvangplekken en een evenwichtige verdeling van asielopvang over provincies en gemeenten. Samen met de wet is de subsidieregeling SPUK-SPREIDING bekendgemaakt.

Deze regeling biedt gemeenten en provincies de mogelijkheid specifieke uitkeringen aan te vragen op basis van de wet en het bijbehorende ‘Besluit gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen’.

De Spreidingswet stimuleert het vrijwillig aanbieden van opvangplaatsen door gemeenten en het bevorderen van samenwerking tussen gemeenten binnen een provincie. Om gemeenten aan te moedigen, bevat de wet verschillende financiële prikkels in de vorm van uitkeringen, die in de regeling nader zijn uitgewerkt. Gemeenten en provincies hebben de vrijheid om deze uitkeringen naar eigen inzicht te besteden.

De uitkeringen kunnen worden toegekend op basis van de duurzame of bijzondere aard van de opvangplaatsen. Bovendien kan een uitkering worden verstrekt voor opvangplaatsen die 75% van de provinciale opvangopgave overschrijden.

Voor duurzame opvangplaatsen geldt een specifieke aanvraagprocedure die vóór het begin van een nieuwe wetscyclus bij het ministerie van Justitie en Veiligheid moet worden ingediend. Deze opvangplaatsen worden beloond met een uitkering van € 1.000 tot € 2.000 per opvangplaats, afhankelijk van het aantal aangeboden opvangplaatsen.

Bijzondere opvangplaatsen, die noodzakelijk zijn vanwege individuele kenmerken van de asielzoeker of de fase van het asiel- of vertrekproces, komen ook in aanmerking voor een specifieke uitkering. Gemeenten en provincies kunnen beide uitkeringen aanvragen.

Daarnaast wordt een uitkering toegekend aan gemeenten en provincies voor iedere opvangplaats die 75% van de provinciale opvangopgave overschrijdt. Deze uitkering bedraagt € 1.500 per opvangplaats en wordt verdeeld tussen de provincie en de gemeenten die opvangplaatsen hebben geboden.